Waarom is er toch zoveel veroordeling in onze kerkgemeenschappen en staan we voor buitenstaanders bekend als een star volkje van wetten en regels? We meten elkaar langs de meetlat van onze eigen vermeende heiligheid en laten elkaar niet vrij volgens de maatstaf van Gods genade. Er is weinig vertrouwen dat God het goede in ons zal uitwerken. Daarentegen wordt er in onze kerkdiensten veel gewaarschuwd tegen de zonde en wordt de nadruk gelegd op een correcte levensstijl in plaats van dat er voeding wordt gegeven aan het geloof in Gods genade en gerechtigheid. Geloofszekerheid wordt afhankelijk gesteld van gedrag, zodat de aandacht van Jezus wordt verplaatst naar onszelf. Onze houding naar elkaar en naar omstanders zou doordrenkt moeten zijn van vertrouwen, omdat we alleen daarmee het getuigenis van het evangelie weerspiegelen. Dan zal de kerk bekend staan als een plaats van genade en mensen trekken die daarnaar hunkeren. In veel gevallen zal dat leiden tot geestelijke vernieuwing en opwekking, omdat Jezus al zei dat de velden wit zijn om te oogsten (Matt. 9:37).
Volgens Richard Lovelace, een gezaghebbende auteur op het gebied van geestelijke vernieuwingen in de kerkgeschiedenis, gaan opwekkingen altijd gepaard met prediking die Gods genade benadrukt. Hij schrijft in zijn boek ‘Dynamics of spiritual life’ in het hoofdstuk ‘primary elements of continuous renewal’ dat bij de redding rechtvaardiging altijd vooraf moet gaan aan heiliging. Wordt dit omgedraaid (als er geleerd wordt dat je wel heilig moet zijn om rechtvaardig voor God te kunnen staan), dan leidt dit tot moralisme en wetticisme en dooft de vernieuwingsbeweging uit. Hij stelt het gevaar van gemixte genade aan de kaak en zegt dat te weinig christenen zich bewust zijn van de noodzaak om elke dag opnieuw te doorleven dat je volledig geaccepteerd bent en mag rusten in Gods rechtvaardiging. Wie rust in die kwaliteit van vertrouwen, zal in toenemende mate een geheiligd leven voortbrengen, omdat het geloof dan actief wordt in liefde en goede werken.
Maar eerst dus Gods genade waar de mensen hun fundament op moeten leren bouwen, wil de geestelijke vernieuwing doorgaan en standhouden en van betekenis blijven voor de omgeving. 
Genade maakt de kerk tot een krachtig teken van hoop in een wereld die zelf geen enkele hoop kan bieden. Gezondheidszorg, levensverzekeringen, veilige huizen, diploma’s, mooie carrières, economische groei en goede relaties garanderen, hoe goed ook, geen hoopvolle toekomst. Je weet niet wat je je kinderen meegeeft als je die op de wereld zet (dus nemen sommige mensen om die reden maar geen kinderen). Hoop blijft onzeker, tenzij je Gods genade kent. Genade is het beste geschenk wat het christendom de wereld kan bieden. Het is sterker dan discriminatie, racisme, haat, terrorisme, wetticisme, cynisme en al die krachten die ons uit elkaar drijven en ons tot een karikatuur van onszelf maken. Genade bevrijdt mensen uit hun angst en schaamte. Omdat genade vergeving veronderstelt, brengt het ontspanning in relaties, rust in ons streven, vreugde in ons bestaan en de zekerheid van een hoopvolle toekomst. De kerken die het fundament van genade leggen en het evangelie van genade prediken zullen volstromen, want ik ben ervan overtuigd dat de wereld snakt naar genade.
Uit een artikel van Willem de Vink – “Genade, genade, 100% genadeâ€





